Die gelovige gebruikt zijn hoofd.
Veel mensen denken dat geloof vooral draait om emotie en gevoel. Maar de gelovige weet dat ook het verstand een belangrijke rol speelt in het geloofsleven. In het geloof gaat het niet alleen om het hart, maar ook om het hoofd.
Het geloof vraagt om nadenken, om reflectie, om bezinning. De gelovige is niet bang om vragen te stellen, om kritisch te zijn, om te twijfelen. Juist door het gebruiken van het verstand kan het geloof verdiept worden en kan het geloofsleven verrijkt worden.
Het geloof is geen blind geloof, maar een geloof dat gegrond is in kennis en inzicht. De gelovige verdiept zich in de Bijbel, in theologische geschriften, in de traditie van de kerk. Hij of zij zoekt naar antwoorden op moeilijke vragen, naar verklaringen voor lastige problemen. Het geloof is een zoektocht naar waarheid, naar betekenis, naar wijsheid.
Het is belangrijk om het geloof te voeden met kennis en inzicht. Alleen op die manier kan het geloof standhouden in tijden van twijfel en onzekerheid. De gelovige blijft zich ontwikkelen, blijft zich verdiepen, blijft zich verwonderen over de grootheid en de diepte van het geloof.
De gelovige gebruikt zijn hoofd, omdat het geloof vraagt om denken, om redeneren, om begrijpen. Het geloof is niet alleen een kwestie van het hart, maar ook van het hoofd. En juist door het verstand te gebruiken, kan het geloof tot bloei komen en kan de gelovige groeien in zijn of haar geloofsleven.