In 1998 vond de Codenaam van de aanval op Irak plaats, een militaire operatie geleid door de Verenigde Staten en het Verenigd Koninkrijk om Irak te dwingen zich te houden aan de VN-resoluties met betrekking tot het bezit en de ontwikkeling van massavernietigingswapens.
De aanval begon op 16 december 1998 en duurde tot 19 december, met als doel het bombarderen van doelen die verband hielden met het Iraakse massavernietigingswapenprogramma. De operatie werd uitgevoerd zonder voorafgaande goedkeuring van de VN-Veiligheidsraad, wat leidde tot kritiek van sommige landen op het unilaterale karakter van de actie.
De aanval werd gelanceerd in reactie op het gebrek aan medewerking van Irak met de VN-inspecteurs die belast waren met het toezicht op de ontwapeningsinspanningen van het land. Irak had herhaaldelijk VN-resoluties geschonden en weigerde volledige openheid te geven over zijn massavernietigingswapenprogramma.
De Codenaam van de aanval op Irak resulteerde in aanzienlijke schade aan de Iraakse infrastructuur en leidde tot de dood van een onbekend aantal burgers. Sommige critici betwisten de effectiviteit van de operatie en stellen dat het de internationale betrekkingen met Irak verder heeft geschaad.
Desondanks werd de Codenaam van de aanval op Irak gezien als een belangrijke stap in de inspanningen om de proliferatie van massavernietigingswapens te beteugelen en de naleving van internationale normen te bevorderen. Het benadrukte ook de rol van de Verenigde Staten en het Verenigd Koninkrijk als leidende spelers in het handhaven van de wereldwijde veiligheid en stabiliteit.
In de nasleep van de aanval werden er diplomatieke inspanningen geleverd om de situatie in Irak te normaliseren en verdere escalatie te voorkomen. De Operatie Desert Fox, zoals het ook bekend staat, blijft een omstreden onderwerp in de internationale betrekkingen en roept vragen op over de legitimiteit en effectiviteit van unilaterale militaire acties zonder VN-mandaat.