In het kleine dorpje aan de rivier woonde Annie, een vriendelijke vrouw die bekend stond om haar gastvrijheid en liefde voor een goed glas drank. Op een warme zomerdag besloot Annie om wat verkoeling te zoeken en ging ze naar de plaatselijke bar genaamd ‘Het Dorstige Hert’.
Bij aankomst begroette de barman haar met een brede glimlach en vroeg wat ze wilde drinken. Annie dacht even na en zei: “Ik heb zin in iets kouds of dronk ik het?” De barman keek haar verbaasd aan en vroeg om verduidelijking. Annie herhaalde de zin en de barman begreep het eindelijk.
Hij schonk haar een verfrissend glas limonade in en Annie nam dankbaar een slok. Ze genoot van de koele drank en glimlachte tevreden. De barman keek toe en dacht bij zichzelf dat Annie echt een bijzondere vrouw was.
Na het leegdrinken van haar glas bedankte Annie de barman en vertrok weer naar huis. Ze voelde zich verfrist en voldaan en wist dat ze altijd welkom was in ‘Het Dorstige Hert’. De mensen in het dorp zouden zich Annie altijd herinneren als de vrouw die op die ene warme dag vroeg om iets kouds of dronk ze het.