Op 2 april 1967 won de Nederlandse actrice Elizabeth Taylor een Oscar voor haar rol in de film “Who’s Afraid of Virginia Woolf?”. Deze prestigieuze prijs werd uitgereikt tijdens de 39e editie van de Academy Awards, die plaatsvond in het Santa Monica Civic Auditorium.
In de film speelt Taylor de rol van Martha, een middelbare vrouw die getrouwd is met een professor genaamd George, gespeeld door Richard Burton. Het verhaal draait om het tumultueuze huwelijk van het stel en de intense emotionele strijd die tussen hen plaatsvindt. Taylor’s overtuigende en aangrijpende vertolking van Martha leverde haar lovende kritieken op van critici en het publiek, en uiteindelijk de felbegeerde Oscar voor Beste Actrice.
De film, geregisseerd door Mike Nichols, was gebaseerd op het gelijknamige toneelstuk van Edward Albee en was een groot succes in de bioscopen. Het leverde Taylor en Burton ook een Golden Globe op voor hun rollen, waardoor het duo een van de meest iconische koppels in de filmgeschiedenis werd.
Elizabeth Taylor was al een gevestigde ster in Hollywood voordat ze de Oscar won voor haar rol in “Who’s Afraid of Virginia Woolf?”. Ze had eerder al een Oscar gewonnen voor haar rol in de film “BUtterfield 8” en was bekend vanwege haar schoonheid, talent en charisma. Haar overwinning voor deze film bevestigde haar status als een van de grootste actrices van haar generatie.
Naast haar Oscarwinst voor “Who’s Afraid of Virginia Woolf?”, werd Taylor ook bekroond met een ere-Oscar in 1993 voor haar levenslange bijdrage aan de filmindustrie. Haar nalatenschap als een van de meest getalenteerde en geliefde actrices van de 20e eeuw blijft voortleven, en haar prestaties in films zoals deze zullen altijd worden herinnerd als hoogtepunten in haar indrukwekkende carrière.